Publiek private samenwerking technologische topinstituten in volgende fase

De technologische topinstituten (TTI’s) waren tijdelijk gefinancierde samenwerkingsverbanden waarin bedrijven en onderzoekers aan gezamenlijke onderzoeksthema’s werkten. Voordelen van de TTI’s waren bijvoorbeeld meerjarige onderzoeksprogramma’s over de gehele kennisketen, kenniscirculatie, grote betrokkenheid van de industrie, en de netwerkfunctie, ook op Europees vlak en internationaal. Hoewel met de TTI’s goede resultaten zijn neergezet, waren deze initiatieven niet ingebed in de reguliere kennisinfrastructuur. Hierdoor was de kennisopbouw en kenniscirculatie in de kennisinfrastructuur beperkt. Daarnaast bleef additionele financiering nodig voor de TTI’s. Het incidentele karakter van de subsidies voor publiek-private samenwerking (hierna: PPS) leidde bovendien tot onzekerheid bij bedrijven en onderzoekers. In 2010 heeft het vorige kabinet aangekondigd dat het de subsidies aan de TTI’s na 2012 niet langer zou voortzetten. Het kabinet, bedrijven en kennisinstellingen willen echter dat de succesfactoren van de TTI’s behouden blijven. De transitieaanpak voorziet daarin via het borgen van het onderzoek en het organiserend vermogen van de TTI’s.

Op deze manier kondigt het kabinet in een brief de volgende fase van de TTI’s aan. De Topsector Chemie heeft het Transitieplan ‘Chemie maakt het verschil!’ opgesteld waarin de lijnen staan beschreven waarlangs de transitie moet gaan plaatsvinden.

Met deze aanpak wordt tegemoet gekomen aan het advies van het Rathnau-instituut van begin vorig jaar om tot meer coördinatie te komen.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *